Afgelopen zomer waren wij in Engeland. Vanwege de regen namen we herhaaldelijk onze toevlucht tot B&B’s. Echte B&B’s, zoals ze horen te zijn: bloemetjesbehang en ontbijten zó groot dat je pas ‘s avonds weer trek krijgt.
In een kleine havenplaats logeerden we in een huisje waar elke kamer een andere kleur had. Onze slaapkamer was lila, de badkamer zalmroze, de woonkamer turquoise en de serre, waar we ontbeten, zonnig geel. De gastvrouw hield van kleur, wat ook bleek uit haar uitdossing: elke dag een zorgvuldig op elkaar afgestemd geheel in één kleur. Met bijpassend gelakte nagels en oogschaduw, haar blonde haar hoog opgestoken. Wij noemden haar juffrouw Doddel.
De laatste dag hadden we het over vakanties. Zij gaat altijd alleen op stap, los van haar man, zei ze. Dan kon hij op de hond passen, maar belangrijker was dat zij dan precies kon doen waar zij zin in had. Wij vulden het al in, bevooroordeeld als we zijn: in de zon liggen in Spanje? Maar nee, wij werden aangenaam verrast. Ze blijkt elk jaar minstens één week naar de Malediven of een ander eiland te gaan voor haar favoriete hobby: duiken. Juffrouw Doddel bleek een volleerd duiker. Nu vermoeden wij natuurlijk wèl dat ze wetsuits heeft in diverse kleuren, met bijpassende zwemvliezen. Maar dat hebben we niet durven vragen.