Bakkie troost van een Metroman

Gerdien heeft een bakkie troost nodig.

Door Gerdien de Ligt

Vanmorgen was-ie er nog. Mijn mooie blauwe fiets. Ik haalde ‘m uit de schuur en fietste zomaar voor de aardigheid meer dan tien kilometer naar een winkelcentrum aan de andere kant van Rotterdam. Bij het metrostation zag ik al dat het druk was. Maar er was nog net een plaatsje voor mijn fiets, bij zo’n metalen hekje, naast een oud brommertje. ‘Perfect’, dacht ik, en bond mijn rijwiel met het extra kabelslot om het hekje. En toen ging ik winkelen.

Terwijl ik naar Albert Heijn liep, werd ik ineens enthousiast begroet door een vriendelijke buitenlandse meneer met een groen poloshirt. “Hallo, iz allez goed met jou? Tijdje niet gezzien!” Een beetje verbaasd keek ik de man aan. Hij kwam me vaag bekend voor, maar ik kon hem niet plaatsen. “Eh ja, hallo… het gaat prima hoor!” riep ik in het voorbijgaan. Ik keek nog eens achterom, de man deed hetzelfde, en we vervolgden onze weg.

Twee uur later kwam ik terug, met vier volle plastic tasjes (uitverkoop!) en ik diepte mijn fietssleutel op uit mijn broekzak. Ik liep naar de enorme rij fietsen en zocht vluchtig naar de mijne. Hee… hij staat er niet… ben ik nou gek? Ik had ‘m hier toch neergezet? Nu keek ik iets beter. Ik checkte de hele rij fietsen. Maar nee… geen blauwe Gazelle. Zou ik ‘m dan toch in een andere rij gezet hebben? Ik zocht het hele plein af, niet één of twee keer, maar minstens vijf keer keek ik van fiets naar fiets. Maar mijn trouwe maatje stond er echt niet meer bij.

Verbouwereerd en verontwaardigd besloot ik om dan maar aangifte te gaan doen. Ik sjokte door de regen in de richting van het politiebureau. Ineens hoorde ik een stem. “Heeeee meizzie, ben jij klaar met winkelen…” De man met het groene poloshirt grijnsde naar me, vanuit de deuropening van de bewaakte fietsenstalling. “Ja… je ziet het hè”, zei ik terwijl ik m’n plastic zakjes omhoog hield. “Kom even binnen voor een kop koffie!” wenkte hij. Ik deed het. Whatever, m’n fiets was gejat, het regende en ik kon best een bakkie troost gebruiken. “Jij woont hier, of niet?” vroeg de man. “Nee,” zei ik. “Helemaal niet. Ik woon aan de andere kant van Rotterdam. Enne, als ik vragen mag… waar ken ik u eigenlijk van?” Hij lachte. “Van metro. Ik zag jou altijd met jouw vriend in metro. Station Beurs ‘s morgens vroeg. ‘n Jaar of twee geleden.” Er ging bij mij een lampje branden. “Oja! Dat klopt!” Grappig, een metroman die mij herkent van lang geleden… Hij schonk een bekertje verse, zwarte koffie in. Lekker.

“Jij nu met metro naar huis?” vroeg de Metroman. “Tsja, ik zal wel moeten. Mijn fiets is daarnet gejat,” antwoordde ik mistroostig. “O… dazzniegoed, heel vervelend,” zei hij. “Fietzdief zlecht. Gebeurt hier vaak. Jij voortaan fietz hier zetten, iz veilig. Iz maar vijftig cent, niet duur. Okay?” Ik glimlachte. “Okay, beloofd. Dan past u er extra goed op hè?” “Natuurlijk!” grijnsde hij.

Eén positief puntje: ik hoefde niet terug te fietsen door de regen; de metro en de tram brachten me keurig droog thuis. Maar toch. Tegen beter weten in hoop ik dat ik mijn Gazelle ooit nog eens terugkrijg. En ja, de volgende keer zet ik m’n fiets wel in de stalling. Is veilig. Is maar vijftig cent, niet duur. En de koffie smaakt er prima.

Post to Twitter

Plaats een Reactie

Je moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Colofon.

Deze site werd opgezet door Rutger Middendorp, die van Gemengd Bedrijf en Nieuwe Garde. Oh ja, en hij blogt voor Bright. Hoofdredacteur is Pieternel Teekens. Arno Hoogma kon op slechts 1 chocoladetaart de Twitter- en Flickr-integratie voor elkaar krijgen.

Click

Kijk ook eens op.

Copyright