Geitenmeisje is verdrietig. Het dakje van haar hutje op de wei is verzakt. Als een te dik besmeerde pindakaasboterham hangt het nu schuiner dan de bedoeling is. Het rechtervoetje van geitenmeisje is bevroren. Hoewel Saw zó 2004 is, neemt ze haar zaagje ter hand. Nood breekt 2009heid.
Nu ze toch bezig is, ruimt ze gelijk haar drachtige geitje. De dierenminister mag tevreden zijn. Een goeie combi, dieprood en Sneeuwwitjewit.
Ontvriend en daas van verdriet wankelt geitenmeisje naar buiten. De vrede ligt wit op de aarde. Het kan de onpret niet drukken. Het greppeltje aan de rand van de wei is volgesneeuwd. Een geitenmelkbad. Geitenmeisje verdrinkt erin.
