Ik ben een sucker voor gezelligheid. En dan vooral de allene vorm van gezelligheid: door de stad fietsen en onderweg zijn naar huis, zo’n beetje als het schemert, en dan andere mensen naar huis zien fietsen en je realiseren dat heel veel van die mensen ook op weg zijn naar huis.

Dat gevoel is het sterkst in de herfst. Mijn fietsen door Amsterdam, van werk naar huis of andere gezelligheid, leidt me door Oud-Zuid en ik ben een sucker voor Oud-Zuid. Nergens schijnt er beter licht door de ramen, licht dat zegt: man, wat is het hier binnen gezellig.
Ik kan dan over de Vrijheidslaan fietsen, helderkoud weer, schemering, wetend dat er al een paar weken pepernoten bij Albert Heijn liggen – en man, wat een geluksgevoel kan ik dan hebben.
Dat vind ik mooi.