
Iedereen heeft recht op zijn eigen vreemde trekjes. Je kunt zelfs pronken met je eigenaardigheden omdat die je tot een echt mens maken. Je stuurt bijvoorbeeld onze prinsesjes een ansicht voor hun verjaardag, je leest de krant staand onder het tandenpoetsen, je valt regelmatig van je fiets, je hebt een fascinatie voor felgekleurde sokken, je hebt maar vier uur slaap per nacht nodig, of je kunt nog steeds geen koffie zetten.
Toch blijf ik blij met elk raar trekje dat ik ontdek. Zo koestert mijn kat een diepe liefde voor sponzen, bij voorkeur schuursponzen. Voor speelgoedmuizen en levende vogeltjes is hij bang, maar een weerloze spons durft hij wel aan. Hij slaat er tegenaan en bijt er kleine stukjes vanaf, zodat mijn hele huis onder een dun laagje spons ligt.
Toen ik hem op heterdaad betrapte met het lastigvallen van mijn sponzen gingen ze veilig het keukenkastje in. Maar nu ontdek ik vreemde sponzen in de tuin en woonkamer. Hij snaait ze gewoon mee van mijn vriendelijke buren en de bouwvakkers die hier rondlopen. En ik weet niet wat er met zo’n spons gebeurd is, voor mijn huisdier ze buitmaakt.
Daarnaast vraag ik me ten zeerste af of vieze dingen stelen zo’n charmante eigenschap is. Misschien is dit dan zo’n eigenaardig trekje waar je niet mee pronkt. Aan de andere kant gelden voor katten natuurlijk andere fatsoensnormen. Het is toch veel vriendelijker om met een spons te sollen dan met een vogeltje?
3 Reacties
Hahaha, geweldig dit
Een van onze katten heeft een obscure fascinatie voor schilmesjes.
Misschien moet ik hem ‘de spons’ ook eens introduceren.
Sponzen zijn in elk geval een stuk minder schadelijk dan schilmesjes.
Ik kom daar op terug, aangezien ik niet weet hoe het komt dat de kat laatst zijn poot gebroken heeft. Misschien stak een spons nog net de straat over – vlak voor een auto langs – en was kat O., die er natuurlijk achteraan holde, net te laat. Schilmesjes zullen zich niet in zo’n situatie wagen, lijkt me.