Ik wilde ergens vroeg zijn, een dag of wat geleden. Ik dacht dat ze om negen uur open waren, maar dat waren ze pas om tien uur. Ik liep een hoek om en plofte neer op het eerste het beste terrasje op de Lauriersgracht. De koperen ploert stak haar hoofd net om een wolk en zo zat ik ineens midden in de ochtendzon. De barvrouw van achter in de zestig die er ondanks het vroege uur toch echt al als barvrouw uitzag stak haar hoofd om de hoek van de ingang en nam mijn bestelling op. Een plat Amsterdamse koffie verkeerd. Ik sloeg een krant open en las een paar letters.
De barvrouw zette de koffie onder mijn neus. Het was niet zomaar een kop, maar een fikse witte bak van porselein, gesierd met het geel blauwe logo van de Franse Crédit Lyonnais bank. Een kop van het type dat je voorgeschoteld krijgt op een terrasje in een klein Frans dorpje, als je een café au lait bestelt om de croissant die je even daarvoor bij le boulanger kocht gezelschap te houden. De koffie was het vernoemen op een ansichtkaart niet waard, maar ik was even op vakantie.
